Veldwerk: de champignons van Christine Van Steenkiste in Ingelmunster

image Printervriendelijke versie

In een druilerige winterregen rijden we binnen bij Chamrova, het champignonbedrijf van Christine Van Steenkiste waar het bio-label prominent aan de gevel schittert. Er hangt een subtiele champignongeur, iets wat ons meteen supernieuwsgierig maakt want we zien enkel een grote loods. Christine lacht als we het haar vertellen, zelf 'ruikt' ze haar champignons niet meer zegt ze.

In de cel
Christine: "Mijn ex-schoonouders begonnen begin jaren zeventig de gewone witte Champignons de Paris te kweken. De vlasteelt stortte toen in en veel vlasteelers schakelden over op champignons. Rond 2010 was het rampzalig qua prijs en de een na de andere hield ermee op, maar ik ben altijd blijven geloven dat het tij zou keren en (brede lach) nu zitten de champignons opnieuw in de lift. Er is zelfs een tekort aan witte."

We zijn de loods ingelopen en Christine opent aan de rechterkant een stevige metalen deur, de toegang tot een van de negen 'cellen' waar witte en bruine champignons in bedden boven elkaar groeien.
Christine: "Oorspronkelijk kweekte ik enkel 'gewone' witte champignons. Toen ik in 2013 overschakelde naar bioteelt ben ik ook bruine en portobello's gaan kweken. De overschakeling van gewoon naar bio kan voor ons champignontelers zeer makkelijk omdat we werken met grondstof die we steeds opnieuw vervangen, we hebben geen omschakelingsperiode. Als de laatste cel van de gewone champignons geoogst is, maken we alles schoon en kunnen we meteen starten met bio."

Van matten en bedden
Champignons hebben niet echt een seizoen, je kunt ze het hele jaar door telen. Er zijn wel pieken in de herfst en winter, het absolute dieptepunt is april en mei, de prille lente. Geen seizoen, maar voor wie bio gaat, is er wel stilaan een probleem.

Christine: "Het wordt steeds moeilijker om aan biologische paardenmest te geraken en zonder paardenmest geen champignons, de schimmel groet immers alleen in... paardenmest. Het verhaal van bio is niet alleen biologisch kweken, het begint met biologisch stro en dat wordt steeds zeldzamer in de paardenstallen."

In de cel zien we niet echt 'mest'. Er branden ook flink wat lampen terwijl we dachten dat champignons in het donker groeiden.

Opgroeien in het donker
Christine: "Champignons hebben geen licht nodig om te groeien, (lacht) wij wel om erin te werken. En de mest. Alles begint met het stro uit de paardenstallen met daarin de paardenmest. Dat stro wordt door vrachtwagens opgehaald en naar een Nederlands bedrijf gebracht waar men het mengt met veen tot compost. Per champignonras is er een andere schimmel die in de zaadfabriek geënt wordt op een graankorrel die dan door de compost gaat. Die compost rollen we letterlijk als een mat uit op de bedden.

Van zodra de bedden gevuld zijn, wordt de cel opgewarmd en de bedden bevochtigd. Dat voor vier dagen, anders kan de compost niet 'leven' en de schimmel niet groeien. Als de temperatuur van de compost 30° is, stoppen we met water geven en sluiten de luchtkleppen. Indien we dat niet zouden doen, zou de schimmel niet hoog genoeg komen om te knoppen. Eerst verschijnen er witte draden en daarna vormen zich kleine witte stipjes bovenop die verder uitgroeien tot champignons. Witte groeien echt bovenop, bruine iets dieper en ze mogen niet op elkaar groeien (lachend) al is dat wel mooi om zien.

Van vullen tot oogsten verlopen 18 tot 20 dagen. Iedere week worden er drie cellen leeggemaakt en drie gevuld, telkens twee volle vrachtwagens. Het is de meest praktische en economische manier van werken. De verwijderde bio-compost gaat naar Frankrijk als champpost. Het water wordt niet gerecycleerd, het is de bedoeling dat het in de compost blijft. Dit jaar is het een duur waterjaar. Normaal lukt het met grondwater, maar door de droogte moest ik dit jaar ook leidingwater gebruiken."

Drie vluchten per bed
We plukken drie tot vier dagen. De compost is dan opnieuw opgewarmd en we moeten hem opnieuw gaan afkoelen met water en lucht zodat er een tweede 'vlucht' kan komen. (lacht) Ja, een mooi woord, we kunnen tot drie vluchten per bed gaan, dan is de compost uitgeput en moet hij verwijderd worden. De hele cel wordt daarna gestoomd op 70°, schoongemaakt en is klaar voor nieuwe compost.

In een van de cellen zien we op de bedden grote bruine paddenstoelen, portobello's?
Christine: "Inderdaad. Een portobello is geen apart ras, maar een bruine champignon die langer blijft staan zodat hij groter kan worden. Je moet ze wel plaats geven om te groeien door de kleintjes errond weg te nemen."

Van de cel naar de winkel
Christine: "Voor de ene klant moeten ze groot zijn, voor de andere klein, we plukken dan ook heel klantgericht. Delhaize en Colruyt bijvoorbeeld willen alleen maar kleintjes in doosjes van 250 g. Alles gaat via de REO- veiling waar ik elke dag lever. Verpakken volgens klant doet men in een loods naast de veiling, vandaar gaat het rechstreeks naar de klant. Dezelfde dag nog vertrekken de champignons naar de kleinhandel.

De toekomst
Christine: "Ik hoop nog lang te kunnen verder doen. Champgnons kweken heeft iets magisch. (kijkt rond) Het is heel gevoelsmatig, ook al is water geven en luchtkleppen openen en sluiten computergestuurd, ik moet de computer programmeren. Te koel en je krijgt gerimpelde exemplaren die onverkoopbaar zijn. Ik heb twee zoons en een dochter, maar ze hebben geen ambitie, ze studeren alle drie. Ze zien natuurlijk dat het 7/7 werken is. Als er champignons staan, moet je plukken want een champignon wordt op 1 dag dubbel zo groot! Als ik met vakantie wil, laat ik alles leeg komen en begin daarna opnieuw." 

(tekst: Tine Bral, foto's: Marc-Pieter Devos)

Het favoriete champignon-gerecht van Christine: gevulde portobello's

Meer weten over champignons: www.detafelvantine.be/paddenstoelen

 

 

 

 
 
de tafel van Tine - info@detafelvantine.be - Disclaimer - verantwoordelijke uitgever: mdmedia & partners