nieuws
tafel van tine
smaakmaker
producten
chefs
recepten
streken en steden
boekenkast
proefwerk
archief
nieuwsbrief
contact
partners

Sint-Jakobsnootjes: het beste van de zee

Heel wat topchefs werken ontzettend graag met het zachte vlees van de Sint-Jakobsschelp. Coquilles spelen dan ook de hoofdrol in tal van schitterende gerechten.



Een goddelijke zeevrucht
De legende wil dat Aphrodite, godin van de liefde, na haar geboorte aan land werd gebracht staande op een sint-jacobsschelp. De waaiervormige schelpen, met een diameter van 15 centimeter zijn even fraai gevormd als de godin. De sint-jacobsschelp is de bekendste van alle kammosselen. Zijn kleur is, afhankelijk van de vindplaats bruinbeige, geel of rozerood. Binnenin schuilt een parelmoerachting weekdiertje met feloranje corail (kuit).

Sinds de Middeleeuwen draagt de schelp de naam van de heilige Jacobus. Die heilige kreeg zijn laatste rustplaats in het Spaanse Santiago de Compostella en zijn graf werd snel een druk bezocht bedevaartsoord. Uit heel Europa stroomden de pelgrims toe. Na de vele ontberingen tijdens hun zware tocht maakten de grote, zalig smakende kammosselen die ze te eten kregen, grote indruk. Als bewijs dat ze de tocht tot een goed einde brachten, naaiden ze een schelp aan hun hoed of jas.

Spurten op de zeebodem
Nu komen sint-jacobsschelpen niet alleen in de buurt van Santiago de Compostela voor. Ook langs de Franse, Schotse en Ierse kust leven deze vinnige diertjes op de zeebodem. Door snel met hun schelpen te klepperen, stuwen ze zichzelf voort over de zeebodem, waarbij ze moeiteloos een snelheid van 4 kilometer per uur halen en zowel vooruit als achteruit bewegen. Als er gevaar dreigt, sluiten ze vliegensvlug hun schelpen houden die steven op elkaar tot alles weer veilig is. Omdat het diertje hermafrodiet is, laat het zowel vrouwelijke kuit als mannelijk zaad los in het water waar de bevruchting plaatsheeft. De larfjes drijven wekenlang mee met de stroming tot zich een flinterdun schelpje vormt dat naar de bodem zakt. Pas na vijf tot zes jaar is de schelp volgroeid.

Vangst
De vangst is strikt gereglementeerd. Enkel tussen september en mei mogen de vissers hun zware sleepnetten over de bodem trekken. Schelpen die minder dan 10 centimeter breed zijn, gaan opnieuw het water in. Omdat het diertje snel uitdroogt, wordt het overgrote deel op de boot van zijn schelp ontdaan en worden de noten op ijs of diepgevroren bewaard. Bij diepgevroren noten is het echter zeer de vraag of ze nu afkomstig zijn van sint-jacobsschelpen of van andere schelpen uit de kammosselfamilie. Zonder corail mag dat vlees immers ook als sint-jakobsvrucht verkocht worden.


recepten:
- Koud/warm van Sint-Jakobsvruchten met aardpeerpuree, soep van kastanjes en truffels (chefrecept Peter Goossens)



terug naar boven